Kennisbank zoeker
Hoe werkt deze kennisbank

Zoekresultaten

Vorige pagina Print

Er zijn 3 artikelen in de kennisbank gevonden.
Te veel resultaten? Verfijn uw resultaten door het combineren van meerdere trefwoorden

PEG-interferon alfa-2a waarschuwingen

Peginterferon-α-2a (Pegasys) is niet onderzocht bij patiënten met gedecompenseerde cirrose. Er is geen ervaring bij patiënten jonger dan 18 jaar.Voorzichtigheid is geboden bij chronisch obstructieve longaandoeningen en/of diabetes mellitus, ketoacidose, stollingsstoornissen, ernstige myelosuppressie en bij reeds bestaande psoriasis.In zeldzame gevallen kan zich een schildklierafwijking ontwikkelen. Vóór behandeling de TSH-spiegels controleren en behandeling pas starten indien deze spiegels binnen de normale grenzen liggen. Vóór de behandeling dienen standaard bloedbeeld, elektrolyten, leverenzymen, eiwitspectrum, serumbilirubine en creatinine te worden bepaald en op gezette tijden herhaald.Bij optreden van acute overgevoeligheidsreacties of ernstige effecten op het centrale zenuwstelsel (depressie, zelfmoordgedachten of -pogingen) de behandeling staken.Bij een reeds bestaande psychiatrische aandoening (ernstige depressie) of een voorgeschiedenis ervan de behandeling met peginterferon-α alleen starten als de behandeling van de psychiatrische verzekerd is en vervolgens deze patiënten nauwgezet controleren. Wanneer symptomen aanhouden of verergeren de behandeling met peginterferon-α staken. Patiënten met een voorgeschiedenis van hartfalen, myocardinfarct en/of voorgaande of bestaande ritmestoornissen vereisen een nauwgezette controle. Bij hartaandoeningen dient routinematig een ecg te worden gemaakt.Vruchtbare vrouwen dienen tijdens de behandeling doeltreffende anti

Lees verder

Wat is hepatitis B?

Powerpointpresentatie van de workshop gegeven door drs. J.W. den Ouden-Muller, internist St. Franciscus Gasthuis Rotterdam ter gelegenheid van de 6e Landelijke Hepatitisweek januari 2010

Lees verder

Leverkanker (hepatocellulair carcinoom)

In Nederland wordt jaarlijks bij ca 250 patiënten de diagnose leverkanker (hepatocellulair carcinoom) gesteld. Risicofactoren voor het krijgen van hepatocellulair carcinoom: levercirrose tgv hepatitis B of hepatitis C, chronisch hepatitis B, met name bij Aziatische mannen > 40 jaar, Aziatische vrouwen >50 jaar, Afrikanen > 20 jaar, mensen met hepatocellulair carcinoom in de familie, NASH, alcoholgebruik. Door middel van bloedonderzoek, echografie, CT scan of MRI en, indien nodig, een leverbiopsie wordt de diagnose gesteld. Om de ernst van de levercirrose te bepalen wordt gebruik gemaakt van de Child-Pugh classificatie. Voor de bepaling van de ernst van de leverkanker wordt de TNM-classificatie gebruikt. De behandeling is afhankelijk van de verspreiding van de tumorcellen binnen en buiten de lever en of er sprake is van levercirrose: Radiofrequente ablatie, Operatie, Chemo-embolisatie, Levertransplantatie, Radio-embolisatie, Systemische anti-kanker therapie, Radiotherapie. Partiële leverresectie kan gedaan worden als er geen sprake is van cirrose of bij graad A levercirrose (volgens de Child-Pugh classificatie). Het overblijvende, gezonde gedeelte van de lever zal de leverfunctie overnemen. Voor patiënten met ernstige levercirrose is levertransplantatie de aangewezen behandeling.

Lees verder