Hepatitis C Bijgewerkt op 06.11.19

Hepatitis C wordt veroorzaakt door een besmetting met het hepatitis C virus (HCV). Een infectie wordt meestal chronisch (in 70-80%); bij besmetting op volwassen leeftijd is de kans op het ontwikkelen van een acute infectie ongeveer 10-20%. Elk jaar overlijden 1,34 miljoen mensen aan de gevolgen van virale hepatitis, wat vergelijkbaar is met sterfgevallen als gevolg van HIV/AIDS, malaria en tuberculose.

Virale hepatitis is een grote bedreiging voor de volksgezondheid en wereldwijd een van de belangrijkste doodsoorzaken.


Ziekteverschijnselen
De incubatietijd van hepatitis C is 2 weken tot 6 maanden (gemiddeld 7 weken). Een besmetting loopt in 80% zonder verschijnselen. Er kunnen soms lichte verschijnselen van koorts, vermoeidheid, verminderde eetlust, misselijkheid, buikpijn, braken en soms geelzucht (gele huid, ogen, donkere urine) optreden. Ongeveer 70-80% van de besmettingen worden chronisch: het virus blijft in het lichaam aanwezig. Een chronische hepatitis C uit zich pas na tien tot tientallen jaren door het effect dat de chronische ontsteking op de lever heeft. Er ontstaan liverfibrose en/of levercirrose (verlittekening in de lever).

Transmissie
Het hepatitis C virus wordt overgedragen door bloed-bloed contact. Mogelijke oorzaken zijn:

  • iv-druggebruik en delen van naalden;
  • hergebruik van onvoldoende gesteriliseerde medische hulpmiddelen;
  • bloedtransfusie met (ongescreened) besmet bloed;
  • seksueel verkeer waarbij expositie aan bloed voorkomt;
  • onhygiënische tatoeages, piercings
  • prikaccidenten.

Het virus is zo’n 10x besmettelijker dan het hiv-virus. Een acute hepatitis C wordt in Nederland zo’n 40 tot 60 maal per jaar gezien. Nieuwe ontdekte chronische infecties worden sinds 2019 ook geregistreerd.

Prevalentie hepatitis C
De geschatte prevalentie van chronische hepatitis C in Nederland is 0,2% en is daarmee laag. In eerste generatie migranten is de prevalentie gemiddeld 0,9%. Risicogroepen zijn homoseksuele mannen met wisselende contacten en injecterende druggebruikers. In veel landen in de wereld is de prevalentie van hepatitis C hoger.

Voorkómen van een infectie
Hepatitis C is te voorkomen door voorkomen van bloed-bloed contact en hygiënisch medisch handelen. Er is (nog) geen vaccinatie tegen hepatitis C.

Behandeling
Een chronische hepatitis C infectie waarbij het HCV-RNA aantoonbaar is in het bloed wordt behandeld met direct-acting antivirals (DAA’s). Deze antivirale middelen zijn zeer effectief en klaren het virus uit het lichaam in meer dan 95% van de patiënten die behandeld worden.

Diagnose
Een infectie met het hepatitis C virus wordt aangetoond door de aanwezigheid van antistoffen tegen het hepatitis C virus (anti-HCV) in het bloed en de aanwezigheid van het HCV-RNA. Als alleen antistoffen aanwezig zijn en het HCV-RNA is negatief, dan spreken we van een geklaarde infectie.

In de kennisbank is gedetailleerde informatie over hepatitis C te vinden met betrekking tot incubatietijd, besmettingsroute, risicogroepen, preventie, symptomen en behandeling.


Referenties

NHG standaard Virale hepatitis en andere leveraandoeningen

LCI-richtlijn Hepatitis C

WHO factsheet hepatitis C

AASLD Guideline hepatitis C

EASL guideline hepatitis C

Meer uitleg nodig?

Heeft u niet gevonden wat u zoekt? Neem dan contact met ons op.

Stel een vraag

Is deze bron betrouwbaar?

Lees meer over hoe deze website tot stand is gekomen.

Lees verder